Wat is joods?

http://www.frontaalnaakt.nl/archives/wat-is-joods.html

In een vorig artikel stonden we in verband met het werk van de Israëlische historicus Sjlomo Sand stil bij de vraag: wie is joods en we vroegen ons, in zijn spoor af, of de rabbinale, halachische beslissing om de moeder normatief te laten zijn houdbaar is.

In dit artikel willen we ons bezig houden met de vraag wat nu eigenlijk joods is.

Joods gen

Zoals bekend, liep de zoektocht van de nazi’s naar een -uiteraard negatief- joods gen op niets uit. Ook de zionisten, die graag een biologische component verdisconteerden in hun opvattingen over het joodse volk, vonden geen joods gen. Vanzelfsprekend niet. Het gaat immers om een cultureel-historisch gegeven, niet om een biologisch-fysiek.

Wie hier in biologie geïnteresseerd is, zal zich bezig moeten houden met het zogenoemde, overigens allesbehalve ‘zuivere’, semitische ras. Voor de bepaling van wat joods is, levert dit echter niets op.

Der ewige Jude

Het belette die nazi’s trouwens niet om hun rassenleer zodanig te construeren dat er een inferieur ‘joods ras’ te onderscheiden was, dat het ‘arische’ naar het leven zou staan. De strijd tegen dit ‘joodse ras’ maakten zij op alle mogelijke terreinen operabel. Vooral het betrekkelijk nieuwe middel film, om een massapubliek te trekken, bleef niet onbenut.

Bekend werd de rolprent Der ewige Jude van Frits Hippler uit 1940, waar het antisemitisme zo vanaf droop dat hij aan zijn doel voorbij schoot. De film flopte; er kwamen erg weinig mensen naar kijken. Dit tot grote teleurstelling en ergernis van de initiatiefnemers minister Joseph Goebbels en de Führer zelf. De korte film van ruim een uur is in Duitsland overigens verboden.

Overdreven ijdelheid

Het verschil tussen Joden en andere, ‘gewone’ mensen is, denk ik, niet zozeer van kwalitatieve, als wel van kwantitatieve aard. Het is meer een kwestie van vorm(en) dan van inhoud. Bij ons is alles wat overdadiger, wat heftiger: zowel in de synagogale liturgie als in het gewone leven zit nogal wat overdrijving.

IJdelheid bijvoorbeeld is niet speciaal joods, overdreven ijdelheid mogelijk wel. Ik ken een rabbijn die graag wil laten weten dat hij er is tijdens bijeenkomsten met veel mensen. Daarom loopt hij voordat het programma begint minstens tien minuten rond voordat hij plaatsneemt: ‘Zie je dat: rabbijn X is er ook!’

Eindeloze herhalingen

En wat de liturgie betreft: eenmaal amida -het staande gebed- is niet voldoende, nee het moet viermaal, tweemaal door de gemeente en dan nog eens tweemaal herhaald door de baäl koré, de voorganger. Verder: de eindeloze herhalingen van widdoej, de zondenbelijdenis op Jom Kippoer. Negenmaal (!), als ik goed heb geteld, wordt in onze diensten op Jom Kippoer, de verzoendag, de ‘waslijst’ met overtredingen en zonden voorgedragen. Er zijn overtredingen bij waarvan het bestaan mij nauwelijks bekend was, laat staan dat ik mij er ooit aan bezondigde!

En is de opname van de offervoorschriften, ook nadat de beide tempels waren verwoest, in het toegevoegde moessafgebed niet wat overdreven, alsof ze nog praktisch van kracht zouden zijn? Wat is de zin hiervan?

Vegetarische levenswijze

Onze diensten duren gemiddeld zeker drie uur (lengte lijkt het kenmerk van het ware!). Dat komt door de vele herhalingen en uitbreidingen die de liturgie de eeuwen door onderging, vooral met, vaak, indrukwekkende, bijdragen uit de piejoet, de liturgische poëzie. Al staan de herhalingen in het didactische kader van het memoriseren, het lijkt allemaal wat overdreven. Schaadt overdaad hier niet een beetje?

En wat te denken van het uitgebreide systeem van het kasjroet? ‘Het’ hangt allemaal aan het dunne draadje van Exodus 23:19 (letterlijk herhaald in Exodus 34:26 en Deuteronomium 14:21): Je mag het bokje niet koken in de melk van zijn moeder. Nee, dat lijkt me ook nogal gruwelijk. Je zou zeggen dat er een pleidooi voor een vegetarische levenswijze aan ontleend zou zijn, maar dat is niet het geval.

Feiten en fictie

Tenslotte, om mij tot deze voorbeelden te beperken (ze zijn ‘eindeloos’ uit te breiden!): het verhaal -de haggada!- van de Uittocht uit Egypte zal in werkelijkheid niet die massale dimensies hebben gehad die de Bijbel suggereert. Als dat wel zo was geweest zou er in de Egyptische geschiedschrijving zeker melding van zijn gemaakt. Dat is niet het geval en ook de ‘stenen’ -de archeologie- spreken hier niet.

Nota bene: het is wenselijk om een duidelijk verschil te maken tussen feiten en fictie, verhalen dus.

Commentaar: Als de man met de Egyptische vader geen Jood was, volgt dan dat hij de Joodse God wèl had mogen beledigen? Dat heeft interessante gevolgen voor wetgeving tegen Anti-Semitisme.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s